Zonvakantie
De beste stranden
All inclusive
Maximaal genieten
Verre Reizen
Een onvergetelijke vakantie
Last minutes
Snel naar de zon
Stedentrips
Cultuur & Ontspannen

Ontdek de eilanden van de Azoren

Voor veel mensen is dit eilandenparadijs nog onbekend. Wie hier wel eens geweest is hoor je vaak zeggen; gelukkig bestaan er nog bestemmingen die niet overspoeld zijn met toeristen. Zelfs niet in het hoogseizoen. De Azoren liggen op een kleine 2 uur vliegen van Lissabon en iets meer dan 4 uur van af Nederland. Ze liggen ongeveer op de hoogte van Porto in westelijke richting, midden in de warme golfstroom van de Atlantische oceaan en kennen een mild klimaat. De temperatuur varieert van 14C in de winter tot 25C in de zomer en de zeewatertemperatuur van 17-24C. Alle eilanden zijn gezegend met een betoverend natuurschoon.

Sao Miguel, met als hoofdstad Ponta Delgada, is het grootste van de 9 eilanden volgens sommigen ook wel het mooiste. Op Terceira is de stad, Angra do Heroismo, absoluut het bezoeken waard en op het eiland Pico kunt u niet om de gelijknamige bergtop heen. Als u voldoende tijd heeft kunt u alle 9 eilanden bezoeken, want allen zijn anders en zijn zeker een bezoek waard. Tussen de eilanden Faial, Pico en Sao Jorge varen vrijwel dagelijks boten en combinaties tussen deze eilanden zijn dan ook relatief makkelijk te maken. Indien u naar Sao Miguel, Terceira of Flores wenst te gaan dan kan dit per vliegtuig. Het kleinste eiland Corvo is te bezoeken als dagexcursie vanaf Flores, eventueel met overnachting(en). Het eilandje Graciosa is het makkelijkst bereikbaar vanaf Terceira en Santa Maria is het makkelijkst te combineren met Sao Miguel.

Rustzoekers en natuurliefhebbers kunnen op de Azoren hun hart ophalen. De flora op de eilanden is schitterend en de fauna, met name in zee, is uniek. De eilanden zijn de beste bestemming in de wereld voor het spotten van walvissen.

Ook voor vissers zijn de eilanden een “must”. Zowel “big game fishing” als vissen vanaf de rotsen en zelfs zoetwa¬tervissen kan worden beoefend. Stranden vindt u er slechts op beperkte schaal, zoals op São Miguel, Terceira en Faial. Er zijn echter goede mogelijkheden op vrijwel elk eiland om in zee te zwemmen en te duiken. De belangrijkste sporten op de Azoren zijn zeilen en golfen.

Corvo

Corvo is het kleinste, van de 9 bewoonde eilanden, van de Azoren. Het heeft een afmeting van 6.3 kilometer bij 4 kilometer, als maximale breedte. De totale oppervlakte eiland van dit eiland bedraagt hiermee 17,12 km2. Totaal wonen er nog geen 500 inwoners (volkstelling 2010) op het eiland. Gezamenlijk met Flores vormen ze de westerse groep van de archipel. Corvo ligt op 31º05 westerlengte en 39º40 noorderbreedte.

Geschiedenis
Corvo werd, volgens zeggen in 1452, ontdekt door de Portugese zeevaarder Diogo de Teive tegelijk met het naastgelegen eiland Flores. Door de geringe omvang kreeg het eiland weinig aandacht van mensen die uitkeken om zich te vestigen op de Azoren. Pas in de 16e eeuw werd er een nederzetting gesticht op dit eiland toen de donatory kapitein Gonçalo de Sousa een groep slaven hierna toestuurde voor bebouwing van het land en het verzorgen van vee. Omstreeks 1580, vestigden een aantal kolonisten zich ook op dit kleine eiland wat zorgde voor een toename van de bevolking cijfers. De eilanders op Corvo leefden van de land en veeteelt en de de vangsten uit zee. In de 16e en 17e eeuw kreeg het eiland regelmatig te maken met Piraterij. De laatste maal, volgens de legende in 1632 werd het eiland hiervan bevrijd ondanks dat de eilanders niet beschikten over wapens. Ondanks de ongelijke strijd wisten de eilanders de piraten te verjagen door het gooien van stenen.

De moed van de inwoners werd later nogmaals onderstreept toen enkele mannen zwemmend naar Terceira gingen om te protesteren tegen de belachelijke belastingen die betaald moest worden aan Donatory kapitein & gezant van het eiland. Mouzinho da Silveira, een minister van de koning, Pedro V, gezeteld in Angra do Heroísmo, was geschokt door deze slavernij en wijze waarop de lokale bevolking moest leven. Het Donatory werd kort daarop aangepast en het systeem op het eiland eindigde in 1832. Tijdens dit zelfde jaar, werd de plaats die toen bekend stond als Nossa Senhora dos Milagres (Onze Lieve Vrouw van de Wonderen) gepromoveerd tot “stad” en gemeente en veranderde de naam in Vila do Corvo. Deze naam draagt het hedendaags nog steeds. In de 18e en 19e eeuw, wordt er door de eilanders assistentie verleent aan de vele Amerikaanse walvisvangstboten die inmiddels zijn aangekomen op de kusten van de eilanden van deze westerse groep. In 1864, telde Corvo bijna 1100 inwoners. Een cijfer dat tot op heden nooit meer gehaald is. De afname hiervan begon met velen die emigreerden naar Noord-Amerika en Canada bleef. Vanaf de jaren 80 is het aantal niet meer drastisch gedaald of gestegen. In 1983, werd het isolement gebroken van het eilandn met de opening van de luchthaven van Corvo. Sinds 1991 worden er vluchten onderhouden vanaf de eilanden Flores, Faial en Terceira. Tegenwoordig bestaat de economie van het eiland uit veeteelt, zuivel en toerisme.

Faial

Faial meet 21 bij 14 kilometer (maximaal) en heeft een totale oppervlakte van 173,1 km2, een beetje in een vijfhoekige vorm. Faial is het derde eiland in grootte voor wat betreft de bevolkingsaantallen met net geen 16.000 inwoners (2010). Het eiland maakt deel uit van de Centrale Groep gezamenlijk São Jorge en Pico. Deze laatste ligt op slechts 6 kilometer van Faial. Hoogste punt op het eiland is de Cabeço Gordo (1043 m hoogte) in het Caldeira gebied.

Geschiedenis
Er wordt aangenomen dat de ontdekking van het eiland door de Portugezen pas plaats vond na dat kaarten van Terceira waren opgesteld. Faial is waarschijnlijk vernoemd naar de grote hoeveelheid vuur bomen (faias-da-terra) die het eiland bedekken. De eerste officiële kolonisten, uit Portugal en Vlaanderen bereikten omstreeks 1465 het eiland als onderdeel van een mislukte expeditie tin en zilver ertsen te vinden. Twee jaar later keerde Josse Van Huertere, een Vlaamse edelman, terug naar Faial aangetrokken door de vruchtbaarheid van de bodem en werd vanaf 1468 de afgevaardigde gezant van het eiland onder Portugees bewind. Op grond van een koninklijk besluit, uitgevaardigd door koning Afonso V, zorgde hij ervoor dat meer Vlaanderen kwamen te leven in de vallei “dos Flamengos” voordat hij zelf naar Horta vertrok. De vlaanderen introduceerden wede, een tarwe soort op het eiland wat de belangrijkste pijler werd van de economie. In 1583, toen Faial werd bezet door de Spanjaarden en regelmatig aangevallen door piraten verloor het veel van zijn rijkdom en erfgoed. De vulkaanuitbarsting van 1672/1673 zorgde voor de vernietiging in het noordwesten van een deel van het eiland.
Eind 17e eeuw, nadat de Portugezen de troon weer hadden betreden, braken er weer betere tijden aan voor Faial. Horta, met zijn beschutte haven, werd een belangrijk navigatiepunt en diende (en dat is vandaag de dag nog steeds) als tussenstop tussen Europa en het Amerikaanse continent. Wijn en andere sterke drank, gemaakt van de druiven van de eilanden Pico, São Jorge en Graciosa, werden geëxporteerd naar het vasteland van Portugal, Europa en de Britse koloniën. In de 18e eeuw werd het eiland betrokken bij de productie en de export van sinaasappelen, die vervolgens de belangrijkste financiële bron van inkomsten werden voor de archipel. De haven van Horta genoot van het gouden tijdperk, met het bevoorraden van de stoomboten tijdens het oversteken van de Atlantische Oceaan en het onderhouden van de Noord-Amerikaanse walvisvloot.

In de 19e eeuw, verwoesten enkele plantenziekten en schimmels het merendeel van de wijngaarden en sinaasappelbomen binnen één decennium. Door de gunstige ligging, werd het eiland een belangrijk centrum voor telecommunicatie. De overdracht van informatie tussen Noord-Amerika en Europa werd gedaan via onderzeese kabels waarvan het eerste station dateert uit 1893. Achtereenvolgens vestigden diverse internationale bedrijven zich op het eiland ivm de aanleg van deze kabels tussen de continenten.

Begin 20e eeuw, kreeg het eiland een nieuwe dimensie toen het Horta meteorologisch Observatorium geopend werd in 1915. Enkele jaren later, direct na het einde van de eerste wereldoorlog, in 1919 begon de luchtvaart ook gebruik te maken van de bevoorrechte locatie van Faial voor de tussenstop van de eerste watervliegtuigen bij het het oversteken van de Noord-Atlantische Oceaan. Tijdens de ´30 en ´40jaren, kozen vele luchtvaartmaatschappijen uit Duitsland, Groot-Brittannië, Frankrijk en Noord-Amerika voor Faial als tussen stop met hun watervliegtuigen. Tot op de dag van vandaag heeft Faial geprofiteerd van de geografische locatie. De jachthaven van Horta, geopend in 1986, is een van de beroemdste ter wereld.

Flores

Het eiland Flores meet16,5 bij 11,5 kilometer wat zich vertaalt in een oppervlakte van 143,11 vierkante kilometer. Samen met het eiland Corvo, vormt het de westerse groep van de Azoren archipel. Het meest westelijke puntje van het Europese continent ligt hier op Flores. Flores telt momenteel net iets meer dan 4000 inwoners(4117 inwoners telling 2010). Het eiland Flores ligt op 21 º 59 ‘westerlengte en 39 º 25′ noorderbreedte.

Geschiedenis
De Portugese ontdekten deze eilanden, die de westerse groep vormen, rond 1452. Er wordt aangenomen dat Diogo de Teive de navigator was die verantwoordelijk is voor het vinden van dit “ver weg” land. Het was geen gemakkelijke taak om dit eiland, destijds Saint Thomas geheten” te bevolken. De inspanningen van Willem van der Haghen, een Vlaming die in eerste instantie zich had gevestigd op het eiland São Jorge en zich nu probeerde te vestigen op een eiland dat nog verder naar het westen was gelegen, zijn alom bekend. Of dit mislukte vanwege de politieke spanningen, in verband met de belasting conflicten of als gevolg van het isolement van de rest van de archipel, zal altijd in het midden blijven. We weten inmiddels dat het mislukte en de Vlaming terugkeerde naar São Jorge. Het eiland Flores werd verlaten voor vele jaren en pas vanaf 1508, toen er kolonisten zich vestigden uit Madeira en Terceira, werd er gesproken over een geslaagde vestiging. De naam Flores (bloemen) lijkt samen te hangen met de vele natuurlijke bloemen welke gevonden worden over het gehele eiland.

Hoewel het eiland pas werd bevolkt ver nadat de nederzettingen op de andere eilanden zich al hadden ontwikkeld, groeide het bevolkingsaantal zeer snel. De plaats “Lajes das Flores” kreeg stadsrechten in 1515 en Santa Cruz das Flores in 1548. Net als de rest van de archipel, draaide de economie op basis van granen voor een paar eeuwen. Omdat dit eiland zo stil en vredig was, werd het echter een favoriet object van piraten. De verschillende steden zijn dan ook vaak aangevallen en geplunderd tijdens de 16e en de 17e eeuw. Het eiland was strategisch een ideaal punt om rustig af te wachten op onder andere Spaanse galjoenen gevuld met edel metalen uit Amerika alvoor deze te kapen.

Tegen het midden van de 18e eeuw, werd Flores een veilige haven voor bevoorrading van goederen en scheepslieden voor de Engels-en Noord-Amerikaanse walvisvloot. Nog steeds vindt u op Flores vele overblijfselen van panden welke gebruikt werden om o.a. de olie te winnen uit de walvissen.

De opening van de luchthaven in 1972 en de bouw van moderne havens heeft geleid tot een grotere integratie van de westelijke groep binnen de Azoren archipel. De economie van de eilanden bestaat tegenwoordig uit toerisme, veeteelt en zuivelproducten.

Graciosa

Graciosa meet 12,5 kilometer bij 7 kilometer met een iets ovale vorm en heeft daar mee een totaal oppervlakte van 61,66 km2. Het eiland telt zo’n vijfduizend inwoners (telling 2010).Het eiland ligt op 28º05 westerlengte en 39º05 noorderbreedte en is het meest noordelijke eiland van de vijf eilanden die deel uitmaken van de centrale groep van de Azoren archipel.

Geschiedenis
Het jaar van ontdekking van dit eiland door de Portugezen is onzeker. Men gaat ervan uit dat het al enige tijd gesignaleerd werd tussen 1449 en 1451, na de ontdekking van het eiland Terceira. Het eiland werd officieel pas in ongeveer 1470 bewoond.

De ontwikkeling van het eiland kreeg een nieuwe impuls met de komst van nieuwe kolonisten van het vasteland van Portugal en uit Vlaanderen. Van het zuiden naar het noorden, werden de vruchtbare vlaktes in het binnenland achtereenvolgens bezet. Nieuwe dorpen werden gebouwd, zoals Santa Cruz, welke al snel stadsrechten ontving van de Portugese koning in 1486. In 1546 werd de plaats Praia, ook bekend als São Mateus, ook aangemerkt als stad. De lokale economie was gebaseerd op landbouw. Tarwe en gerst waren in de 16e eeuw de voornaamste exportproducten. Naast tarwe en gerst was de productie van wijn ook erg belangrijk. De lokaal geproduceerde wijnen en gedistilleerde dranken werden gewaardeerd en geconsumeerd op en buiten het eiland. Commerciële activiteiten bleven beperkt tot het eiland Terceira in verband met de centrale haven van de Archipel. Net als Terceira, het naburige eiland, werd het eiland Graciosa ook aangevallen en geplunderd door piraten in de 16e en de 17e eeuw.

In de vorige eeuw had Graciosa last van droogte en natuurrampen. Tussen de jaren vijftig en de jaren zeventig, verlieten een groot aantal emigranten het eiland, op zoek naar een beter leven in de Verenigde Staten. In de 19e eeuw verdween een groot aantal wijngaarden door een schimmelplaag( phylloxera). De boeren bundelden in 1994 hun krachten om een ​​samenwerkingsverband te creëren en zo gedeeltelijk de lokale wijn traditie te herstellen. Momenteel zijn de belangrijkste economische activiteiten van het eiland zijn de zuivel en vlees producties. Op kleine schaal wordt er ook maïs, groenten en fruit verbouwd.
In de jaren tachtig, werden met de bouw van de luchthaven en de haven van Praia nieuwe zakelijk kansen geopend, onder andere een weg naar duurzaam toerisme.

Santa Maria

Santa Maria is 16.6 km lang en 9.1 km breed gemeten op de maximale breedte en heeft een totale oppervlakte van 97 km2. Santa Maria heeft 5.574 inwoners en samen met Sao Miguel vormen zij de Oostelijke Groep van de Azoren Archipel. De twee eilanden liggen 81 km uit elkaar. Het hoogste punt va het eiland is Pico Alto, deze bereikt een hoogte van 587 m en ligt op de 36 º 58’59” noorderbreedte en 25 ° 05’26” westerlengte.

Geschiedenis
Sommige zeggen dat Diogo de Teive de eerste Portugees was die in contact is gekomen met dit eiland (1427). Anderen zeggen dat het Goncalo Velho Cabral was, een monnik van de Orde van Christus, die het eiland ontdekte (1431). Wat wel bijna zeker is is dat Santa Maria het eerste ontdekte eiland was van de Azoren Archipel. De eerste poging om het eiland te vestigen was in ongeveer 1439. Donatory, kapitein Goncalo Velho en een groep kolonisten hadden hun boot afgemeerd aan Praia dos Lobos. De komst van de nieuwe gezinnen uit Portugal, voornamelijk uit de Algarve, heeft een belangrijke bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van Santa Maria. De mensen van Porto hadden het op zo’n goede manier gedaan dat de mensen van Porto als allereerste op Santa Maria de stadsrechten kregen van de koning. De lokale economie ging zich daarna richtten op wede en Rochella planten. Deze werden geëxporteerd naar Vlaanderen.

Toen de schepen van Christopher Colombo waren aangekomen in Santa Maria (1493) was dat op de terugreis van hun eerste reis om Amerika te ontdekken. Tijdens de 16e en 17e eeuw waren er meer woeste landingen, omdat het eiland vaak werd geplunderd door kapers uit Engeland, Frankrijk en Turkije en door de Arabieren uit Noord-Afrika. In 1616 werd het eiland bezet door de Moren, voor bijna een week. Volgens de legende zocht een deel van de bevolking hun toevlucht in de Santa Ana Cave, om aan het plunderen, branden, ontvoeringen, en martelingen te ontsnappen. In 1675 waren de Moorse piraten weer terug op de baai van Anjos. En toen ze weg gingen hadden ze gevangenen meegenomen om te worden verkocht als slaven.

Na de piek in de uitvoer van producten voor de textielindustrie, werden de 18e en 19e eeuw gekenmerkt door de verspreiding van de cultuur van wijngaarden, tarwe, maïs, fruit boomgaarden, aardappelen en taro wortel, gelijktijdig met veeteelt en zuivelfabrieken. Hoewel dit een rustige periode was besloot toch een deel van de bevolking te emigreren. In de 20e eeuw was er veel meer vooruitgang en toen besloten ze een nieuwe luchthaven aan te leggen. Het werken begon in 1944, en vereiste meer dan duizenden Amerikaanse en de Azoren werkende handen. De Verenigde Staten beschouwden dit als een cruciale infrastructuur voor hun anti-onderzeeboot strategie tijdens de Tweede Wereldoorlog. Na de oorlog was het vliegveld niet langer een militair vliegveld maar een burgerlijke luchthaven van cruciaal belang voor vliegtuigen die oversteken van de Atlantische oceaan.

Aan het einde van de jaren zestig gingen vliegtuigen, nu met meer bereik, niet meer landen op Santa Maria. Toch heeft de luchthaven zijn rol als belangrijkste centrum van de luchtverkeersleiding boven de Atlantische oceaan behouden. De basis van de huidige economie ligt in de visserij, de landbouw, diensten en toerisme.

Architectuur
Sommige huizen van Vila do Porto komen uit de vroege tijden van de nederzetting. Dat kun je herkennen aan de gebogen deuren en weduwen met kenmerken van de Manueline Stijl. Het oorspronkelijke gebouw van de Igreja Matriz de Nossa Senhora da Assuncao, die later werd verbouwd, is de eerste kerk op de Azoren die ooit is gebouwd. Aan de Forte de Sao Bras wezen de kanonnen richting de zee omdat piraten konden aanvallen.

De parochie van Anjos wordt gedomineerd door een standbeeld van Christopher Columbus. Voor zover de geschiedenis gaat, is dit navigator in dienst van Castilië woonden een mis gevierd in de Ermida de Nossa Senhora dos Anjos (Kapel van Onze Lieve Vrouwe van de Engelen). Dus de Genuese navigator vervuld op de Azoren grond van de belofte die hij maakte tijdens een intense storm die in gevaar zijn vloot. Alleen aan de zijkant gebogen deur blijft van de oorspronkelijke architectuur van de kapel.

De parochie van Anjos wordt gedomineerd door een standbeeld van Christopher Columbus, welke volgens de geschiedenis deze bezocht zou hebben. Sinds jaar en dag word het bezoek van Christopher Columbus aan deze parochie uitgebreid gevierd.

Handarbeid werd verfijnd in Santo Espírito, waar de Igreja de Nossa Senhora da Purificação opvalt door zijn gebogen steen werken. De barokke gevel komt in contrast met de juiste geometrie van de klokkentoren, waar basalt en wit worden gemengd totdat ze tot rust komen op een piramide bedekt met tegels.

Er zijn ook diverse kleuren te zien op de traditionele huizen van Santa Maria, gekenmerkt door een rechthoekig formaat met een uitstekende ronde schoorsteen op de top van een onvolledige piramide. Elke plaats op het eiland neemt een andere kleur, om een contrast ten opzichte van de witkalk te creëren – blauw, geel, groen en … rode oker (almagre), wat typisch is in Almagreira. Almagre is een aards, roodachtige kleur die werd gebruikt om glas klei stukken.

In Ribeira Grande en Azenhas de Baixo word het verhaal van de molens gebruikt om slijpstenen te verplaatsen door de energie, opgewekt door het water. Het landschap wordt ook gekenmerkt door windmolens, met hun typische houten handgrepen waaraan de schoppen werden gebonden.

Sao Miguel

Sao Miguel is het grootste eiland van de archipel, waarbij de lengte 62.1km is en het breedste punt 15,8km is. Meer dan de helft van de bewoners op de Azoren (133.816 inwoners in 2008) wonen op een oppervlakte van 744,7 km2. Samen met Santa Maria (op 81 km van Sao Miguel) is Sao Miguel een onderdeel van de oostelijke groep van de Azoren archipel. Pico da Vara is het hoogste punt op het eiland. Deze berg ik 1.105m hoog, en ligt op 37 ° 48’34” noorderbreedte en 25 ° 12’40” westerlengte.

Geschiedenis
Portugese zeevaarders ontdekten het eiland Sao Miguel ergens tussen 1427 en 1431, vlak nadat zij Santa Maria hadden ontdekt. De eerste nederzetting werd uitgevoerd door mensen die uit de Portugese regio van Estremadura, Algarve en Alentejo kwamen. Later werden andere gemeenschappen gemaakt door de Moren, Joden en buitenlanders, met name de Fransen, die ook op het eiland kwamen. De vruchtbare bodem en veilige baaien zorgde ervoor dat het eiland al snel veranderde in een handelspost. De economische groei is vooral ondersteund door de productie en export van tarwe en wede die het eiland van nederzetting versterkte.

Tot de aardbeving in 1522, was de hoofdstad van het eiland Vila Franca do Campo. Maar sinds 1546 is de hoofdstad Ponta Delgada geworden. Het einde van de 16e eeuw werd gekenmerkt doordat de kapers aanvielen. Tijdens het verzet van de Azoren tegen de militaire krachten van de nieuwe koning van Portugal (Filips II van Spanje) werd Sao Miguel bezet gehouden door het Spaanse leger. Toen de Portugese troon hersteld was kreeg de commerciële ontwikkeling een nieuw leven door het contact met Brazilië.

Gedurende de 18e eeuw was de export van sinaasappelen, die vooral werden geëxporteerd naar Groot-Brittannië, de belangrijkste bron van welvaart. De meeste kerken waren versierd met prachtig houtsnijwerk en de landhuizen waren met stenen op een verfijnde manier gebouwd. Vanaf 1870 werden de sinaasappelbomen giftig en gaf het besmettelijke ziekten door aan mensen. Toen deze productie drastisch ging dalen is de lokale bevolking verhuist naar Brazilië en naar de VS.

De nieuwe culturen (Ananas, thee en tabak) hebben ervoor gezorgd dat na de Liberale Oorlog de economische ontwikkeling weer wat beter ging. De economie van het eiland bleef groeien in de 20e eeuw doordat de landbouw en veeteelt erg was uitgebreid. Het toerisme is de laatste investering van Sao Miguel sinds, het eiland waar de zetel van de nationale regering van de Azoren zich bevindt.

Terceira

Het op 1 na meest bewoonde eiland van de Azoren, telt ongeveer 56 duizend inwoners (2010), en meet de 401,9 km2. De het eiland heeft de vorm van een ellips, en meet 30,1 km bij 17.6 km. Het eiland ligt op 27º10 ‘westerlengte en 38º40′ noorderbreedte, en behoort tot de centrale groep van de archipel.

Geschiedenis
Begin 1449, werd dit eiland als derde van de archipel ontdekt door Portugese zeevaarders. In eerste instantie werd het eiland, het eiland van Jezus Christus genoemd. Later werd het eiland vernoemd naar de volgorde van de ontdekking van de eilanden; Terceira (Derde Island). De bevolking op Terceira groeide harder dan in het oostelijk deel van de archipel. In 1450, vestigde prins Hendrik Jacome de Bruges, een Vlaming zich hier als gezant. Porto Judeu en Praia werden gekozen door de eerste kolonisten om nederzettingen te stichten, echter al snel waren er talloze verspreid over het hele grondgebied.

In eerste instantie werd de economie gedomineerd door de productie van granen en de export hiervan. Later in de 15de en 16de eeuw, werd het eiland steeds belangrijker als een inter-continentale stop over voor zeilschepen die tussen Europa en het verre Amerika en India voeren. De havens van Terceira waren gevuld met edel metalen en exotische specerijen en werd daarmee een continu doel voor Engelse, Frans en Vlaamse kapers.
In 1580, ten tijde van de Spaanse overheersing onder koning Filips II, nam de Portugese lokale bevolking stelling achter de aspiraties van António, Prior van Crato, welke zij steunden en woonde op het eiland. Spanje probeerde de opstand de kop in te drukken, maar de eerste landing van de troepen, in 1581, eindigde in een zware nederlaag bij de beroemde Slag van Salga. Twee jaar later werd, toen de Spanjaarden terug kwamen in grote getalen, het eiland weer heroverd na vele gewelddadige confrontaties. In 1640, na restauratie van de Portugese troon, werd de onafhankelijkheid van het eiland Terceira weer in ere hersteld in zijn positie als economische, administratieve en religieuze centrum van de Azoren.

De dappere geest van de plaatselijke bevolking werd opnieuw getest tijdens de Liberale Wars. De meerderheid van de bevolking steunde de liberale idealen en kwam in opstand tegen het absolutisme, die comfortabel is geïnstalleerd op andere locaties. In 1829, een felle zeeslag eindigde met de nederlaag van de troepen van koning Miguel I, terwijl ze probeerden te landen op het zandstrand van Praia. Om deze reden werd de stad omgedoopt tot Praia da Vitória (Victory Beach). Gedurende deze verwarrende tijden, het eiland Terceira gebruikt als basis voor koning Pedro IV met de terugneming van de troon te organiseren. Angra werd uitgeroepen tot de hoofdstad van het Rijk van Portugal en bovendien, maar ook verdiend de tweede naam van “Heroísmo” (Heroism). In 1832, de Armada vertrok naar Portugal landing op Mindelo, die sinds de piek moment van de overwinning van de liberale idealisme.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden de Britten het opzetten van een militaire basis in de buurt van Praia da Vitória, die later werd overgenomen door de Amerikaanse luchtmacht. De bekende, en nog steeds functioneel, Lajes Air Base nieuwe invloeden gebracht aan de lokale bevolking. Trots op zijn historisch verleden gevuld met grote daden, het eiland Terceira is nog steeds een dynamische eiland binnen het kader van de Archipel.